Bolivia maakt einde aan drugsoorlog door DEA het land uit te zetten en coca te legaliseren

Coca, een plant die een stimulerende stof bevat, wordt al duizenden jaren gebruikt door mensen die in de Andes wonen. De bladeren van de plant worden gebruikt tegen allerlei aandoeningen, variërend van hoogteziekte tot menstruatiepijn.

Uit cocabladeren kan echter ook cocaïne worden gemaakt. De toenemende populariteit van deze drug heeft in de jaren tachtig geleid tot een drugsoorlog, die deels gevoerd wordt door de Verenigde Staten.

Een Amerikaans programma dat gericht was op het vernietigen van coca in Bolivia, heeft in de Boliviaanse provincie Chapare geleid tot een traumatisch conflict. “Ze verschenen uit het niets, dag en nacht, en begonnen ons te ondervragen,” zei een boer over de Amerikaanse drugsbestrijdingsdienst DEA. “Ze sloegen en schopten ons zonder reden. We sliepen vaak op de plantages zodat ze ons niet konden vinden.”

Ongekend besluit

De Boliviaanse overheid heeft besloten coca die bestemd is voor binnenlandse consumptie te legaliseren. Een ongekend besluit.

In Chapare, één van de twee gebieden in Bolivia waar coca wordt verbouwd, gaan veel verhalen rond over politiegeweld, verkrachtingen en gewelddadige protesten waarbij doden vielen. Mensen zijn blij dat Bolivia de productie nu heeft gereguleerd en niet langer probeert de plantages te vernietigen.

President Evo Morales wees de DEA in 2008 de deur vanwege gewelddadige confrontaties in Chapare. “Nu is alles anders, de politie is onze vriend,” zei de boer. “Vroeger keek ik weg als ze langsreden. Nu zeggen we elkaar gedag.”

Stuk minder

Uit satellietbeelden blijkt dat er sinds 2004, het jaar waarin coca werd gelegaliseerd, een stuk minder wordt geproduceerd. In 2015 lag de productie 33 procent lager in vergelijking met het laatste jaar dat de DEA nog actief was in Bolivia.

Hoewel de aanpak wordt beschouwd als een succes, zijn de hervormingen niet populair in Washington. Eerder deze maand zei president Obama dat Bolivia niet genoeg doet tegen drugs.

Morales heeft echter duidelijk gemaakt dat het hem niet uitmaakt wat de VS denkt. “In Bolivia, waar we geen Amerikaanse legerbases en DEA hebben, hebben we laten zien dat het mogelijk is om drugssmokkel tegen te gaan met de hulp van het volk,” zei hij eerder dit jaar.

Steunen

Onder Morales werd een systeem uitgerold waarbij elk gezin tot 1600 vierkante meter cocaplanten mocht verbouwen. De overheid helpt boeren die willen overstappen op andere gewassen, zoals citrusvruchten, noten of rijst.

“Je moet gezinnen steunen in plaats van gewassen verbieden,” zei drugsexpert Sanho Tree van de denktank Institute for Policy Studies in Washington. “Je kunt ze niet dwingen om honger te lijden.”

Angstklimaat

Critici waarschuwen dat het vernietigen van cocabladeren niets doet aan de vraag naar coca en ook niets aan de armoede onder de boeren. In buurlanden Colombia en Peru, waar de Amerikaanse benadering nog altijd wordt gehanteerd, wordt vandaag de dag nog bijna evenveel coca geproduceerd als in 2001, toen de metingen begonnen. In Colombia schoot de productie afgelopen jaar met 40 procent omhoog.

Voor Roxana Argandoña, een 49-jarige boerin uit Bolivia en moeder van vier, is het grootste voordeel van de legalisering dat er een einde is gekomen aan het angstklimaat. “Hier waren eerst veel conflicten. Nu is de situatie heel anders,” zei ze. “De soldaten misbruikten ons, met name de vrouwen. Nu is er sprake van wederzijds respect. Sommige mensen hebben niet eens een voordeur.”

[VICE]

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *