PvdA-top snoert Kamerleden de mond

Tweede Kamerleden van de PvdA mogen zich niet bemoeien met actuele partijdiscussies, tenzij ze toestemming hebben van het partijbestuur. Dat blijkt uit een brief die alle PvdA-Kamerleden hebben ontvangen.

De brief blikt vooruit op de ledenraad van 4 juni aanstaande, waarop onder meer gesproken wordt over het kinderpardon. In februari heeft het PvdA-congres daarover een kritische motie aangenomen, die de Tweede Kamerfractie opriep om méér te doen dan PvdA en VVD in het kabinet overeengekomen zijn. Volgens de indieners is die motie door de partijtop niet uitgevoerd. In hun achterzak zit een motie van wantrouwen.

‘Alleen op verzoek van partijbestuur mengen in discussies’
“Het kan soms slim zijn om ook als Kamerlid je te mengen in zo’n discussie, daar kan een concept-motie beter van worden. Maar dat is iets dat het partijbestuur graag zelf in de hand houdt, ook omdat de hele gang van zaken zo nieuw is en er veel gevoeligheden zijn. Vandaar het verzoek aan jullie allemaal om alleen op verzoek van het partijbestuur je te mengen in zo’n discussie”, schrijft een assistent van PvdA-voorzitter Hans Spekman, in de brief, waar politiek verslaggever Jaap Jansen de hand op heeft gelegd.

Niet alle Kamerleden zijn van plan zich aan dit spreekverbod te houden. Kamerlid Jacques Monasch zegt op BNR dat hij zich er niets van aantrekt. “Hele rare mail, had nooit gestuurd mogen worden. Iedereen moet open met elkaar kunnen discussiëren. Weg met die mail.”

‘Verdeeldheid is nooit goed voor een partij’
De PvdA-top is bang dat er kikkers uit de kruiwagen springen, nu de partij bezig is met het opstellen van de nieuwe lijst voor de Kamerverkiezingen van 2017. Kamerleden willen weer – of hoger – op de lijst en zouden zich willen profileren. “Verdeeldheid is nooit goed voor een partij, zeker niet als zo’n partij het in de peilingen al heel lang slecht doet”, zegt politiek verslaggever Jaap Jansen.

In een reactie zegt Spekman: “Het partijbestuur reageert op moties en amendementen die voorliggen. Vandaar dat er altijd afstemming is tussen fractie en partijbestuur.‎ Uiteraard staat het ieder Kamerlid vrij om zich te mengen in de discussie, maar onderlinge afstemming is daarin gebruikelijk.”

Bron

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *